De ideale objectomschrijving op funda

 

Van A tot Z: zo schrijft u de best scorende objectomschrijving

Het woord ‘omschrijving’ zet funda zelf al boven de objectomschrijving, dat hoeft u dus niet meer als eerste woord erin te vermelden. Maar verrassend genoeg gebeurt dit toch nog opvallend vaak, met een storende woordherhaling tot gevolg. Terwijl de eerste 56 woorden van de omschrijvingstekst de belangrijkste zijn. Als de zoeker namelijk op een object klikt, ziet hij deze 56 woorden als eerste. De rest van de tekst is ingevouwen en wordt pas zichtbaar als hij erop klikt.

Dit is dus uw eerste puzzel. 56 Woorden om, in marketingtermen te spreken, de usp’s te benoemen. De unique selling points. Denk: het type huis, de omgeving en de bereikbaarheid. Wat maakt deze woning bijzonder? Is het de afwerkstaat, het enorme dakterras of de woonoppervlakte? Of misschien de ligging ten opzichte van uitvalswegen? Van Schiphol?

Zo zou u over een woning, waarvan u denkt dat de toekomstige bewoner een jong gezin is, kunnen schrijven: ‘Dit ideale gezinsappartement in een zeer groene, kindvriendelijke buurt midden in de stad, kijkt uit naar zijn nieuwe bewoners. Het huis is onlangs gerenoveerd en voorzien van de nieuwste designkeuken. Uw bootje ligt om de hoek en binnen 5 minuten vaart u zo de stad uit, tussen de grazende koeien.’

De voorzieningen van buurt en woning

Vervolgens gebruikt u nog 2 ongeveer even lange alinea’s om eventuele andere usp’s te benoemen. In dit voorbeeld zou de potentiële nieuwe bewoner willen weten waar de winkels, restaurants en overige voorzieningen zijn, of dat er op loopafstand een supermarkt is. En de lezers – zeer aannemelijk een stel met kinderen – willen nóg meer weten: de afstand tot de sportvelden of scholen, en of er een zwembad in de buurt is.

Gebruikelijk bij een objectbeschrijving is dan het kopje ‘indeling’. Daarin kunt u de lezer spreekwoordelijk bij de hand nemen en mee door het huis lopen. Te beginnen bij de entree, eindigend op de zolder, ruimte voor ruimte. Hoewel woorden als ‘mooi’ en ‘fraai’ goed lijken te passen bij een objectomschrijving, worden deze woorden zo vaak gebruikt dat ze aan overtuigingskracht hebben ingeleverd. Het is bovendien goed om te beseffen dat de lezer hier een soort van ‘guided tour’ gewend is, dus te veel sfeer en superlatieven kan irriteren. Kies daarom een paar punten waar u de nadruk op legt en probeer weg te blijven van clichés. Benoem dus wel dingen als ‘met inbouwapparatuur van Miele’ of ‘ontworpen door architect x’. Dit zijn dingen die een bepaalde sfeer weergeven maar die je niet direct uit een foto kunt aflezen.

Geef iedere ruimte zijn eigen kopje en loop logisch door het pand. Het is heel vervelend als de tekst ‘onlogisch verspringt’. Van de kelder naar de eerste verdieping, en dan van de begane grond naar de zolder. Dat stoort.

Het lijstje

Veel makelaars kiezen ervoor om de tekst af te sluiten met een kort lijstje: een aantal belangrijke zaken waarvan ze willen dat de lezer ze in 1 oogopslag ziet en mogelijk zelfs onthoudt. Daar valt iets voor te zeggen. Zeker omdat uit onderzoeken blijkt dat de afwisseling van stijl, in dit geval tussen platte tekst en streepjes, het brein opnieuw op scherp zet. Communiceer in 3, 5 of maximaal 7 punten (oneven aantallen werken beter).

Tot slot

Eindig met een korte afsluiting waarin u uitlegt hoe de bezichtigingen van het betreffende pand in zijn werk gaan en dat de zoeker contact met u kan opnemen via de module op de pagina. 

Meer binnen dit onderwerp